Nieuwe pagina 1
     

¤ Mythologie


Zon, maan en sterren

 

Er kwamen vonken vuur uit Muspelheem gevlogen, die Wodan opving en tegen de hemel wierp, waar er sterren uit ontstonden. Wodan schiep ook twee grote lichten, die dag en nacht zouden schijnen. En hij maakte twee wagens en zette daar de twee lichten op en voor iedere wagen spande hij twee paarden, vlug als de wind.

En er leefde een man, Mundilföri geheten, die twee zeer schone kinderen had, een jongen en een meisje. De jongen noemde hij Maan en het meisje Zon. Over zoveel hoogmoed ontstak Wodan in toorn en hij voerde de kinderen van de reus naar de hemel en beval de jongen de paarden van de maan bij de teugel te leiden en het meisje moest de zonnewagen besturen.

De reuzen der duisternis schuwen het licht, daarom vatten zij grimmige haat op tegen zon en maan en wilden zij deze vernietigen. Zij namen de twee wolven Sköll en Hati, brachten die naar de hemel en joegen ze achter zon en maan aan. Vlug als de wind lopen de hemelpaarden, en toch gelukt het de wolven soms hen in te halen. Dan bevinden zon en maan zich in groot gevaar: woedend happen de wolven met de muil naar hen; de mensen zeggen dan: “Het is zons- of maansverduistering.” Tot dusver is het de lichten des hemels echter nog telkens gelukt, zich weer te bevrijden en aan hun achtervolgers te ontkomen; eerst bij het einde der wereld zullen zij door de wolven ingehaald en verslonden worden.





De drie zoons van Bor: Wodan, Honir en Loki bij het ontstaan van onze wereld.

 

 

 

 

 

 

Bron: www.Hagal.be